Op 20 februari 2019 bood staatssecretaris van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) de Tweede Kamer het Plastic Pact NL aan. Met dit een dag later ondertekende akkoord, zijn door in totaal 75 partijen afspraken bekrachtigd om de plasticketen versneld te sluiten. Het ‘Pact’ richt zich expliciet tot de ‘fast moving consumer goods’ – de plastic producten en verpakkingen voor eenmalig gebruik – en heeft daarnaast ook betrekking op de consumptiegoederen van complementaire sectoren, zoals meubels, elektronica, kleding en speelgoed. De ondertekenende partijen zijn bedrijven die plastic produceren, toonaangevende bedrijven die plastic toepassen, overige belangstellende organisaties en het ministerie van IenW. Met dit Pact wordt een volgende stap gezet richting een circulaire plasticketen.

Aanleiding tot sluiting Plastic Pact NL

Niet alleen de effectuering van de energietransitie, maar ook de overgang naar een circulaire economie staat de laatste tijd hoog op de politieke agenda. Circulariteit houdt in dat producten en grondstoffen worden hergebruikt zodat geen voor het milieu schadelijk afval ontstaat en zodat eindige grondstoffen niet uitgeput raken. Dit vergt een nieuwe ‘kringloopmarktbenadering’ in zowel de fasen van productontwerp, productgebruik als daarna.

Het kabinet heeft als doelstelling om in Nederland in 2050 volledig circulair te zijn. Zie over deze nationale ambitie en de weg ernaartoe ook ons eerdere blog. De plasticketen is bij uitstek toe aan een circulaire benadering. Hoewel plastic vanwege zijn veelzijdige eigenschappen op bruikbare wijzen kan worden toegepast, heeft het immers een grote milieu-impact. Door de productie en de afdanking van plastic wordt CO2 uitgestoten, gaan waardevolle grondstoffen verloren en vervuilen onze ecosystemen. In het Plastic Pact wordt berekend dat in Nederland jaarlijks een volume van 800-900 kiloton aan eenmalige Nederlandse plastic producten en verpakkingen in de afvalfase belandt. Een aanzienlijke hoeveelheid dus, waarop ‘circulaire winst’ valt te behalen.

Op Europees niveau is onlangs nog een ‘EU Plastics Strategy’ aangenomen en is er door de Europese Commissie een voorstel ingediend voor een richtlijn ten behoeve van de vermindering van de effecten van bepaalde kunststofproducten op het milieu. Zie hierover ook ons eerdere blog. Met het Plastic Pact NL wordt beoogd vooruit te lopen op deze Europese maatregelen en bovendien ook verder te gaan. Hiermee wordt erkend dat samenwerking (tussen regelgever, plastic producerende- en toepassende bedrijven en andere organisaties) noodzakelijk is.

Afspraken Pact

Algemene ambities

Het Plastic Pact bevat een viertal gestelde ambities voor het jaar 2025, het laatste jaar waarin het Pact nog geldig is:

  1. Het waar mogelijk en zinvol herbruikbaar, maar in ieder geval 100% recyclebaar maken van alle eenmalig te gebruiken plastic producten die op de markt worden gebracht door plastic producerende bedrijven;
  2. Het creëren van voldoende soorteer- en recyclingcapaciteit door de plastic producerende bedrijven zodat minimaal 70% van het totale gewicht van eenmalige plastic producten hoogwaardig gerecycled wordt;
  3. Het minderen van het gebruik, het hergebruiken en het gebruik van meer alternatieve duurzame materialen door plastic toepassende bedrijven resulterend in 20% minder totaal plasticvolume in kg ten opzichte van het jaar 2017;
  4. Dat alle eenmalig te gebruiken plastic producten en verpakkingen een zo hoog mogelijk percentage gerecyclede plastics in kg bevatten, met een gemiddelde per plastic toepassende bedrijf van minimaal 35%.

Inzet en acties partijen

Om de realisering van deze ambities te bevorderen hebben zowel de plastic producerende als de plastic toepassende bedrijven verschillende specifieke taken gekregen. Daarnaast is een rol weggelegd voor actie door het ministerie van IenW, dat alle partijen bij het Pact zal ondersteunen en stimuleren en daarnaast ook onnodig belemmerende regelgeving aan probeert te pakken.

Tot slot is vastgesteld dat de overige belangstellende organisaties, die niet zelfstandig kunnen voldoen aan de afspraken in het Pact, bij kunnen dragen door de ontwikkeling en verspreiding van kennis, het verzamelen van data, het scherp houden en aan elkaar verbinden van partijen en het leveren van innovatieve technologieën.

Hoe wordt de uitvoering van het Pact verzekerd?

In het Pact is afgesproken dat de plastic producerende en toepassende bedrijven, maar ook het ministerie, verschillende gegevens die nodig zijn voor de meting van de voortgang van de ambities van het Pact ter beschikking zullen stellen aan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Na een analyse door het RIVM zal een Voortgangscommissie, die wordt voorgezeten door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), jaarlijks rapporteren over de voortgang.

Overeengekomen is dat de gemaakte afspraken niet in rechte afdwingbaar zijn. Geschillen in verband met het Pact kunnen worden voorgelegd aan een op te zetten Stuurgroep. Onder bepaalde voorwaarden kan het Pact worden opgezegd jegens een partij die tekortschiet in de nakoming ervan. Daarnaast kan elke partij te allen tijde zijn eigen deelname opzeggen. Met het Pact wordt dus voornamelijk ingezet op een geoliede samenwerking tussen die partijen die zich graag inzetten voor de realisering van de ambities.

Vervolg

Het Plastic Pact NL kan een mooie stap zijn in de richting van een volledig circulaire economie. Hoewel het akkoord op geheel vrijwillige basis berust is er desondanks consensus bereikt over een gezamenlijke aanpak voor circulair plastic. Voor alle bij het akkoord betrokken partijen is er in ieder geval het nodige werk aan de winkel.

Omdat het akkoord de mogelijkheid opent dat partijen achteraf nog tot het akkoord toetreden, moet worden afgewacht of het Plastic Pact op termijn nog door meer bedrijven zal worden gedragen. De staatsecretaris wijst er nog op dat het ministerie in een later stadium vergelijkbare afspraken wenst te maken met andere sectoren die veel plastic toepassen, zoals de bouw en automotive. Met dergelijke initiatieven wordt in ieder geval steeds meer handen en voeten gegeven aan een duurzaam Nederland.